Bernard Hulsman – uitvinder en schrijver van het boek ‘Radicale Innovatie’
Radicale innovatie is vooraf ongeloofwaardig
Radicale innovatie heeft een ongemakkelijke eigenschap: ze laat zich vooraf nauwelijks uitleggen. Wie een echte doorbraak bedenkt, kan meestal wel beschrijven wat die oplevert, maar niet hoe dat precies werkt zonder de kern van de uitvinding prijs te geven. Dat botst met onze behoefte aan transparantie, controle en vooraf dichtgetimmerde plannen – zeker in de zorg.
Waarom echte doorbraken zich niet laten uitleggen
In de huidige innovatie‑infrastructuur is dit spanningsveld nauwelijks te vermijden. Wie het hoe volledig uitlegt, geeft zijn uitvinding weg. Wie zich beperkt tot het wat, wordt niet geloofd. Dat voelt onbevredigend voor alle betrokkenen, maar het is geen kwestie van onwil of geheimzinnigheid, het is een structureel dilemma.
De gloeilamp als denkexperiment
Een gedachte‑experiment maakt dat duidelijk. Tweehonderd jaar geleden was de olielamp de dominante lichtbron. Stel dat iemand toen de gloeilamp had uitgevonden. Hij had kunnen zeggen: deze lichtbron geeft licht zonder vuur en zonder olie. Meer niet. In die tijd zou dat als volstrekt onmogelijk zijn afgedaan. Pas achteraf, wanneer de techniek er eenmaal is, lijkt het vanzelfsprekend. Dat is het fundamentele probleem van innovatie: vooraf ongeloofwaardig, achteraf logisch.
Toetsen op resultaat, niet op verhaal
Daarom hoort bij serieuze innovatie ook een andere houding: niet geloven op basis van mooie woorden, maar toetsen op resultaat. Werkt het niet zoals beloofd, dan heeft het geen waarde.
Het ontbrekende ecosysteem in de zorg
In andere sectoren bestaat hiervoor een ecosysteem van onafhankelijke toetsing. Ingenieursbureaus kunnen onder geheimhouding beoordelen of een uitvinding technisch niet onmogelijk is, zonder haar volledig te openbaren. In de zorg ontbreekt zo’n infrastructuur grotendeels. Daar komt bij dat zorginnovatie bestaat uit vele onderling samenhangende deelaspecten – zoals automatisering en organisatie – die cruciaal zijn, maar vaak slecht worden begrepen. Het risico is dan een eindeloos overlegcircuit waarin alles besproken wordt, maar weinig gebeurt.
Handelingsruimte zonder publieke waarden los te laten
Juist daarom vraagt radicale zorginnovatie om ruimte om te handelen. Niet alles kan vanaf dag één democratisch, transparant en tot in detail verantwoord zijn, zonder de innovatie zelf te verstikken. Tegelijkertijd is het evident dat publieke waarden gewaarborgd moeten blijven. Een mogelijke uitweg ligt in tijdelijke constructies: kleine, doelgerichte organisaties die onder duidelijke publieke verantwoordelijkheid vallen, maar voldoende vrijheid krijgen om daadwerkelijk te bouwen en te testen.
Van pilots naar opschaling
Het huidige systeem is vooral ingericht op beheersing, niet op doorbraken. Innovatieprojecten blijven vaak kleinschalig, terwijl de echte winst juist in opschaling zit. Tientallen projecten naast elkaar leveren zelden structurele verandering op. Wie werkelijk iets wil veranderen in de zorg, moet durven denken in honderden of duizenden toepassingen, niet in pilots die nooit verder komen dan het experiment.
Betalen voor resultaat in plaats van proces
Daarbij hoort ook een andere manier van belonen. Niet betalen voor inspanning of proces, maar voor aantoonbaar resultaat. Dat verschuift risico’s naar de innovator, maar maakt tegelijk duidelijk waar het werkelijk om gaat: maatschappelijke waarde, betere zorg en lagere kosten. De potentiële opbrengsten zijn zo groot dat het rationeel is dit risico aan te gaan.
De echte barrière is cultureel
De grootste hindernis is uiteindelijk niet technisch, maar cultureel. Radicale innovatie vraagt om vertrouwen in het onbekende, om acceptatie van onzekerheid en om het besef dat niet alles vooraf kan worden dichtgetimmerd. Zolang we vasthouden aan de eis dat alles eerst volledig begrepen, uitgelegd en verantwoord moet zijn voordat er iets mag gebeuren, zullen echte doorbraken uitblijven. En dan blijft de zorg gevangen in verbeteringen aan de olielamp, terwijl de gloeilamp al denkbaar is.