Hoe een lokaal platform met ervaringskennis, vasthoudendheid en vrijwilligerswerk strijdt voor een toegankelijke samenleving
Een rij afvalcontainers neemt bijna de hele stoep in beslag. Voor de meeste voorbijgangers is dat hooguit hinderlijk: zij stappen opzij of lopen een stukje over de rijbaan. Voor iemand in een rolstoel is er vaak geen doorgang. Voor iemand die slechtziend of blind is, kan de blokkade onverwacht en gevaarlijk zijn. Even verderop hangt een balkon zo ver over de looproute dat een vrouw met een taststok het obstakel pas op het laatste moment kan opmerken. Het zijn alledaagse beelden, maar juist daarin wordt zichtbaar hoe betrekkelijk het begrip ‘openbare ruimte’ kan zijn. De straat is er voor iedereen, maar niet iedereen kan haar even veilig gebruiken.
Het Platform Gehandicapten Leidschendam-Voorburg (PGLV) probeert die werkelijkheid zichtbaar te maken. Niet alleen met rapporten en brieven, maar vooral door mensen te laten ervaren wat een beperking in het dagelijks leven betekent. Voorzitter Willem Bertels en secretaris Nathalie Ros vertellen over een organisatie die volledig op vrijwilligers draait. Ongeveer vijfentwintig actieve vrijwilligers, geven schoolvoorlichting, inspecteren gebouwen en wijken, adviseren gemeente en bedrijven en voeren de bewustwordingscampagne ‘Geef ons ruimte. Bedankt!’.
De stichting bestaat inmiddels bijna een kwart eeuw. Zij ontstond niet op initiatief van de gemeente, maar vanuit inwoners met een handicap die zich wilden inzetten voor hun gemeenschap. Dat karakter heeft het platform behouden. De meeste vrijwilligers hebben zelf een beperking: zij zijn bijvoorbeeld doof of slechthorend, gebruiken een rolstoel, zijn halfzijdig verlamd, slechtziend of leven met spasmen of een chronische aandoening. Hun ervaringskennis is geen aanvulling op het vrijwilligerswerk maar vormt de kern ervan.

Meer dan een beperking
Een handicap beïnvloedt veel meer dan de mogelijkheid om een trap te nemen of een verkeersbord te lezen. Dagelijkse handelingen kosten soms extra voorbereiding, energie en improvisatie. Een route die gisteren toegankelijk was, kan vandaag worden geblokkeerd. Een hulpmiddel dat niet werkt, betekent niet slechts ongemak, maar verlies van mobiliteit en zelfstandigheid. Mensen worden bovendien gemakkelijk teruggebracht tot wat zij niet kunnen.
Juist daarom vinden veel vrijwilligers het belangrijk om zich voor het platform in te zetten. Zij willen van betekenis zijn en laten zien dat iemand meer is dan zijn of haar beperking. Willem omschrijft de boodschap die zij tijdens activiteiten uitdragen: een persoon met een handicap is iemand met wie je kunt praten, lachen en huilen, en die vaak creatieve oplossingen heeft gevonden om het leven vorm te geven. De vrijwilligers maken kwetsbaarheid zichtbaar, maar vooral ook veerkracht.
Dat gebeurt het meest direct tijdens de schoolworkshops. Acht à negen keer per jaar bezoekt een team van ongeveer vijftien vrijwilligers basisscholen in Leidschendam-Voorburg. Leerlingen van groep acht leggen in een rolstoel een parcours met obstakels af, met een bekertje water op schoot. Zij leren enkele gebaren van slechthorende vrijwilligers, proberen met één hand een appel te schillen of kleding aan te trekken en lopen geblinddoekt met een taststok. Ook maken zij kennis met braille en ervaren zij hoe dagelijkse handelingen veranderen bij een motorische of visuele beperking.
Na afloop mogen de kinderen vragen stellen. Volgens Nathalie luisteren zij aandachtig en komen zij vaak met verrassend doordachte vragen. De kracht zit in de ontmoeting: een handicap wordt niet abstract uitgelegd, maar verbonden met een mens en een ervaring. Tegelijk zien de scholieren dat mensen met een beperking actief, deskundig en vindingrijk zijn. Zo krijgt het motto van het platform — ‘inclusie door ontmoeting’ — concrete betekenis.

Gouden bergen, weinig zand
Naast de schoolvoorlichting vormt toegankelijkheid de tweede hoofdpijler. Vrijwilligers beoordelen straten, stations, publieke gebouwen en winkelvoorzieningen. Zij adviseren steeds vaker al tijdens de voorbereiding van projecten, zoals de bouw van een bibliotheek, de inrichting van de nieuw te bouwen raadszaal en de herinrichting van wegen. Dat is belangrijke vooruitgang. Wanneer ervaringsdeskundigen pas worden geraadpleegd nadat een gebouw of straat is opgeleverd, zijn fouten vaak kostbaar of moeilijk te herstellen.
Toch bestaat er een hardnekkige afstand tussen instemming en uitvoering. Nathalie vat het probleem scherp samen: “Heel veel mensen hebben wel heel veel begrip als je het vertelt. Maar de uitvoering blijft vaak achterwege.” Willem zegt het nog beeldender: “Je belooft ons gouden bergen en er komt nog niet eens een zandkorreltje van die berg naar ons toe.”
De grijze betonblokken op een plein in Leidschendam vormen een zichtbaar symbool van het verschil tussen begrip en uitvoering. Tijdens een rondgang met twee wethouders wees het platform erop dat de lage obstakels voor slechtzienden moeilijk waarneembaar en daardoor gevaarlijk zijn. De wethouders begrepen het probleem en zegden toe zich voor verwijdering in te spannen. Toen concrete maatregelen een jaar later nog steeds uitbleven, zocht het platform in september 2023 contact met de gebiedsregisseur van Prinsenhof Noord. Ook een officiële melding bij de gemeente in januari 2024 leidde niet tot een oplossing. In december 2025 namen vrijwilligers daarom zelf het initiatief en beschilderden zelf de betonblokken met krijtverf. In juli 2026 meldde de gebiedsregisseur dat de struikelblokken binnenkort permanent een opvallende kleur zullen krijgen. De geschiedenis van de betonblokken laat zien hoeveel vasthoudendheid er nodig is voordat een erkend toegankelijkheidsprobleem daadwerkelijk wordt opgelost.
Een belangrijke oorzaak is volgens Nathalie en Willem het snelle personeelsverloop binnen de gemeente. Aanspreekpunten in het sociale en ruimtelijke domein wisselen geregeld. De vrijwilligers moeten daardoor steeds opnieuw kennismaken en eerdere dossiers reconstrueren. Soms blijft het vervolgens lang stil, om kort voor een besluit alsnog de vraag te krijgen of het platform binnen enkele dagen een ontwerp kan beoordelen. “Wij zijn vrijwilligers,” benadrukt Nathalie.
Er zijn ook positieve ervaringen. Vooral bij nieuwe projecten die projectmatig gemanaged worden door externe bureaus ontvangt het platform tijdig de stukken en is de samenwerking gestructureerd. Tijdens schouwen lopen medewerkers, bestuurders en bewoners samen door een wijk om knelpunten te bekijken. Zulke rondgangen leveren concrete verbeteringen op: een te laag verkeersbord wordt hoger gehangen, een stoep aangepast, een gevaarlijke situatie afgezet. Het laat zien dat vooruitgang mogelijk is als iemand verantwoordelijkheid neemt en opvolging organiseert.

Toegankelijkheid die weer kan verdwijnen
Ook de Westfield Mall of the Netherlands laat een gemengd beeld zien. Vrijwilligers inspecteerden het grootste winkelcentrum van Nederland en de omgeving met rolstoelen, scootmobielen en taststokken en boden vervolgens twee rapporten aan. Een aantal aanbevelingen werd daarna uitgevoerd. Mindervalidentoiletten kregen beter zichtbare, contrasterende aanduidingen en een nauwelijks zichtbare verhoging bij een nooduitgang werd duurzaam gemarkeerd.
Andere problemen bleven echter bestaan. Zo ontbreken binnen tactiele geleidelijnen die zeer belangrijk zijn voor slechtzienden. Ook zijn zware toiletdeuren voor sommige bezoekers niet zelfstandig te openen en visuele alarmsignalering voor dove en slechthorende bezoekers ontbreekt. Bovendien kan eerder bereikte vooruitgang weer verdwijnen. Na een verbouwing bij een winkel was een verwijzing naar een bruikbare lift plotseling weg. Het platform moet dan opnieuw aandacht vragen voor hetzelfde probleem. Toegankelijkheid is dus geen eenmalige controlelijst, maar vraagt om blijvende aandacht.
Nog fundamenteler is het gebrek aan handhaving. Regels en bouwvoorschriften hebben weinig betekenis wanneer niemand erop toeziet dat zij worden nageleefd. Hetzelfde geldt in de openbare ruimte. Auto’s staan bij verlaagde stoepranden, fietsen blokkeren geleidelijnen en deelscooters of containers versperren de stoep. Meldingen worden geregistreerd en vriendelijk beantwoord, maar leiden lang niet altijd tot actie. “Als je regels hebt en die worden niet gehandhaafd, wat hebben ze dan voor nut?” vragen de platformleden zich af.
Voor een slechtziende voetganger is een fiets op een geleidelijn geen slordigheid, maar een grote bedreiging. Een taststok kan tussen de spaken vastlopen; een stuur kan op gezichtshoogte uitsteken. Een opengebroken stoep zonder goede afzetting kan tot een val leiden. Nathalie vertelt hoe zij is gestruikeld door een onverwacht gat in de stoep. Dit gat was ontstaan omdat er tijdens straat- en rioolwerkzaamheden boompjes waren uitgetrokken en een deel van de stoep was weggehaald. Een kennis belandde door een onveilige situatie in de eigen straat in het ziekenhuis. De gevolgen van gebrekkige toegankelijkheid worden zo afgewenteld op precies de mensen die het minste kunnen uitwijken.

Een hulpmiddel is geen luxe
Dezelfde spanning tussen belofte en praktijk is zichtbaar bij hulpmiddelen uit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Het platform ontvangt nog altijd signalen over de dienstverlening van het bedrijf dat deze hulpmiddelen levert. Mensen worden niet teruggebeld, monteurs arriveren zonder de juiste onderdelen en reparaties vereisen herhaalde bezoeken. Een aangepaste fiets bleef weken in een magazijn staan, terwijl deze voor onderzoek naar de fabrikant had moeten worden gestuurd. De kwaliteit van stokhouders op scootmobielen bleken zo ondermaats dat de taststok eruit kon vallen.
Dat zijn geen gewone consumentenklachten. “Mensen hebben niet voor niets een hulpmiddel,” zegt Nathalie. Wie afhankelijk is van een aangepaste fiets, rolstoel of taststok kan zonder dat middel niet vanzelfsprekend naar werk, familie, winkel of afspraak. Een fout in de levering beperkt rechtstreeks iemands leven. Het platform vraagt daarom niet primair om nieuwe contracten, maar om naleving van bestaande afspraken. De gemeente heeft als opdrachtgever de verantwoordelijkheid om kwaliteit, bereikbaarheid en reparatietijden daadwerkelijk af te dwingen.

De kracht van nabijheid
Ondanks teleurstellingen blijven de vrijwilligers doorgaan. Zij schrijven brieven, spreken in bij de gemeenteraad en voeren campagne in winkelcentra en lokale media. Hun verzoeken zijn vaak eenvoudig: laat bij containers op de stoep de doorgang vrij, parkeer niet op een geleidelijn, snoei overhangende takken en denk bij ontwerp en onderhoud vanaf het begin aan toegankelijkheid.
Die open en praktische benadering krijgt veel steun. Voorbijgangers herkennen de voorbeelden, scholen verwelkomen de workshops en vanuit de bewustwordingscampagne hebben zich zelfs nieuwe vrijwilligers gemeld. Het platform laat zien wat een lokale gemeenschap kan bereiken wanneer ervaringskennis, betrokkenheid en vasthoudendheid samenkomen.
Maar waardering mag geen excuus worden om verantwoordelijkheden bij vrijwilligers neer te leggen. Toegankelijkheid is geen gunst en ook geen afzonderlijk project voor mensen met een handicap. Een vlakke, vrije stoep helpt eveneens ouderen, ouders met kinderwagens, reizigers met bagage en mensen die tijdelijk slecht ter been zijn. “Als voor ons de straten, stoepen en openbare ruimtes toegankelijk zijn,” zegt Willem, “dan zijn ze voor iedereen toegankelijk.”
Daarmee houdt het Platform Gehandicapten Leidschendam-Voorburg de lokale samenleving een heldere spiegel voor. Nederland beschikt over wetten, inclusieagenda’s en goede bedoelingen. De werkelijke maatstaf ligt echter buiten: bij de publieke toiletdeur die iemand zelfstandig kan openen, de tastbare route voor slechtzienden die niet door een fiets of container wordt onderbroken en het hulpmiddel dat werkt wanneer het nodig is. Ruimte geven begint met luisteren, maar krijgt pas betekenis wanneer beloften zichtbaar worden op straat.
